Basketbal, sandwiches en Jéjé

I have a dream. Het zouden woorden van Martin Luther King kunnen zijn. Maar in basketland komen ze van niemand minder dan Monsieur Jéjé. De minzaamste aller Mons Hainaut-fans had zijn beste pak aangetrokken om zijn Antwerpse vrienden te verwelkomen voor een bekertreffen tussen Bergen en de Scheldestad. Want de man met het enige oranje petje zag het wel zitten. Mons moest en zou de weg naar Vorst Nationaal en de bekerfinale openen. Helaas, pindakaas. Het werd een 56-73 nederlaag. Antwerpen effende de weg naar de halve finale. Maar dat liet de minzame basketlegende niet aan zijn hart komen. Na afloop ging hij met Vinnie Kesteloot op de foto. En bij hun foto. sprong nog een pittig detail in het oog. Tussen beide heren was er immers een zakje sandwiches te spotten. Wou Jéjé sterk op zijn benen staan en had hij sandwiches nodig voor het geladen bekertreffen? Of is het geheim van Kesteloot sandwiches. Eén ding lijkt nu al zeker: we zullen het antwoord nooit kennen. What happens between Kesteloot en Jéjé stays between both. Maar nogmaals wordt bewezen. Ca va buskier avec Monsieur Jéjé.

Foto: Collectie Jerome Toussaint

Le grand Jéjé

In basketbalmiddens moet hij met zijn blauwe jasje en zijn oranje pet één van de allerbekendste maar minzaamste fans zijn uit heel België. Jérome ‘Jéjé” Toussaint kent iedereen en iedereen kent Jéjé. Deze Mons-Hainautfan kreeg van zijn ploeg ooit een fairplaytrofee. ‘Het moet één van de weinige prijzen uit mijn leven zijn”, glimlacht ‘Le grand Jéjé”. ‘Maar weet je .. Basketbal is naast mijn familie de allergrootste passie in het leven. Ik volg deze sport al sinds ik een kleine jongen was van zeven jaar. Mijn papa nam me toen een keertje mee naar een wedstrijd. En ik was meteen verkocht. Nu ben ik er vijfenveertig. En de liefde is altijd gebleven. De band met Mons-Hainaut is organisch gegroeid. Eerst ging ik naar Quaregnon kijken. Iedereen kent het verdere verloop wel. Mons-Hainaut kwam hieruit verder. Het klinkt misschien wel gek in de oren. Zelf heb ik nooit basketbal gespeeld. Mijn kunnen op een voetbalterrein was net iets groter.”

70
Jéjé is overal. En overal is Jéjé. “Ik zie ongeveer een zeventigtal wedstrijden op jaarbasis. Dat varieert van competitiewedstrijden tot Europacupwedstrijden. Jammer genoeg speelt Mons dit jaar geen Europees. Maar om Europacup-basketbal te bekijken heb ik nog andere alternatieven zoals Charleroi. Maar waar ik ook ga, ik ben een man die fairplay hoog in het vaandel draagt. Tijdens de bekerfinale tussen Antwerpen en Oostende ben ik een helft bij elke ploeg gaan zitten. Geen favoritisme voor mij. Als ik een neutrale fan ben, wil ik gewoon een leuke namiddag of avond beleven. Tenslotte is vriendschap toch iets wat ons allemaal bindt. Voor mij is het belangrijk dat waar ik ook ben de verbroedering centraal staat. Waarom geen glas drinken met de tegenpartij tijdens de rust? Daar is toch niets mis mee. Ik zeg wel eens ‘Ca va buskier’. Maar dat betekent gewoon ‘Laat ons vooral ons amuseren.’ Daar draait het tenslotte in de wereld toch rond.”

Evolutie
‘Basketbal is de laatste jaren enorm geëvolueerd. Het is veel fysieker geworden”, blikt Jéjé terug. “Maar dat is de tand tes tijds die helemaal werkt. Alleen is er één evolutie die me zorgen baart. Je ziet steeds minder mensen in de zaal zitten. Voor een duel tussen Brussel en Oostende zag ik veel leeg plekken. Dat raakt me wel. Het is triestig om te zien dat een fantastische sport zoals basketbal toch aan populariteit inboet. Ik hoop dat de federatie eens nadenkt over hoe ze de competitie aantrekkelijker kunnen maken. Helaas is het niet hoopgevend om te zien dat een ploeg als Luik in grote problemen vertoeft in de hoogste klasse.”

Dromende Jéjé
Toch heeft een man van vele basketbaloorlogen nog dromen. “Jéjé in de NBA of in de Euro League. Het zou heel mooi zijn”, glimlacht de man met het eeuwige oranje petje. “Maar eerlijk is eerlijk. In het diepste van mijn hart hoop ik toch ooit om met Mons-Hainaut een landstitel te mogen vieren. Jéjé, champion. Het zou me in het diepste van mijn hart toch wat doen. Een beker van België zou ook heel mooi zijn. Maar daar wacht ons dit jaar een zwaar treffen met Antwerp Giants in een back to back-wedstrijd. We moeten op zijn minst de thuiswedstrijd in Mons winnen met meer dan tien punten verschil. Of het wordt een zware zondag in de Lotto Arena.”

Foto: Collectie Jérome Toussaint

 

Benito Raman: ‘Het hoofd versus de voeten: een wereld van verschil’

In het dagelijkse leven speelt Benito Raman voor een kleine 62000 mensen bij Schalke 04 in de Veltins-Arena. Daarom was het als voetbalfan vreemd om te ervaren hoe een Bundesliga-speler bij een theaterbezoek in Antwerpen vrijwel als een nobele onbekende door de gangen kon wandelen. Tenslotte werd hij een poosje geleden ook geselecteerd bij de Rode Duivels Benito Raman was een opgemerkte gast tijdens de première van ’t Groot Lot.  “Het is moeilijk om vanuit Duitsland over en weer te komen voor een theaterbezoek. Daarom zie je me hier ook niet vaak rondlopen. Maar ik heb een vrij weekend. Wanneer er acteurs naar mij komen kijken, wil ik hen ook eens aan het werk zien. Bij de première van ’t Groot Lot was het de ideale gelegenheid om eens naar Antwerpen af te zakken. Het is wel bijzonder om hier rond te wandelen.  Ik vind het wel leuk om andere werelden op te snuiven. Zo bezocht ik in New York ooit een theater. Maar ach, we zijn allemaal mensen van vlees en bloed.  Ik hecht er veel belang aan dat je naast voetbal ook over andere dingen kunt praten. Ik wist pas twee dagen geleden dat ik hier kon aanwezig zijn. Ik wou David Michiels en zijn vrouw eens goeiedag komen zeggen. Het is bijzonder om te zien hoe alle acteurs die hopen tekst uit hun hoofd leren en samen naar een project toe te werken. Akkoord, er zit bij voetbal ook wel een showelement en een beetje theater in. Maar dat is improvisatie van het moment. Acteurs doen het met hun hoofd en ik met mijn voeten. Een wereld van verschil.

Foto: Jan Liekens

Mathieu Van der Poel in tranen: ‘Moeilijker dan verwacht.’

Papa Adrie zag het aankomen tijdens de Wereldbeker Veldrijden in Tabor. Het overlijden van Raymond Poulidor, de opa van Mathieu Van der Poel heeft er zwaar ingehakt bij zijn zoon. “Je ziet aan alles dat hij niet goed in zijn vel zit. EN we weten allemaal hoe close Matje met zijn opa was.” Maar Mathieu kwam, zag, vocht en overwon. In tranen stond hij achteraf de pers te woord. “Het was zowel fysisch als mentaal zwaarder dan ik had verwacht. Maar Tabor heeft een speciale plek in mijn hart. En ik wou hier heel graag winnen.”  Eli Yserbyt werd tweede, Lars Van der Haar derde. Gianni Meersman vertelde achteraf in de studio: “Als Mathieu een goede dag heeft, is hij onklopbaar op de weg, in het veld en op de mountainbike. Een groot kampioen!”

Foto: Jan Liekens

Mathieu Van der Poel: ‘Het crossgevoel nog niet te pakken!’

Alsof hij nog nooit weg was. Hij kwam, hij zag en hij overwon. Mathieu Van der Poel degradeerde de tegenstand in de Superprestigeveldrit van Ruddervoorde. Laurens Sweeck werd tweede en Toon Aerts behaalde de derde plek. ‘Ik had het crossgevoel nog niet echt te pakken. Dat zag je wanneer de tegenstand mij in het begin onder vuur nam en ik een gaatje moest laten. De basis is meer dan goed. Maar de versnellingen zijn er nog niet. De komende weken moet ik zeker nog aan het interval werken.” Klein detail: Alleen Laurens Sweeck en Toon Aerts bleven binnen de minuut achterstand op de ‘Vliegende Hollander’.

Foto: Jan Liekens

The Wolfpack signeert !

In het wielerpeloton is Quick Step één van de sterkste blokken ter wereld. Omdat ze zoals een Wolfpack aan elkaar hangen, werd deze bijnaam al heel snel aan de troepen van Patrick Lefevere gegeven. Fotograaf Sigfrid Eggers volgde de ploeg een jaar lang en maakte een fraai boek over een knalseizoen van deze wielerbrigade. Remco Evenepoel, Zdenek Stybar, Dries Devenyns en Fabio Jakobsen kwamen op de Antwerpse boekenbeurs signeren. Het beeldje van een signerend Wolfpack zie je ook niet elke dag.

Foto: Guido De Meyer

Ca va klak’ker’ chez Les Buskiers

Moeders, hou uw dochters vooral niet binnen en stuur ze zondagnamiddag naar de Lotto Arena.  Want dan komen de koningen van de Baksetbal-fairplay op bezoek. Op de agenda staat dan de competitieclash in het Belgische basketbal tussen Telenet Giants Antwerp en Mons-Hainaut. Ik kan er helaas niet bij zijn wegens een prinses en haar toverspiegel.  Maar ach, het seizoen is nog lang. De wegen tussen de minzaamste supportersclan van het land en mezelf zullen elkaar zeker nog kruisen. Want ja … L’armée de Jéjé heeft een hoog verbroederingsgehalte met iedere Belgische basketbalfan.   En dat wekt heel veel sympathie op.

Ze hebben recht van spreken.  Onze Mons-Hainaut vrienden. Want het gaat verduiveld goed met hen. Stevig op kop in de rangschikking. Nog geen enkele match verloren en klaar voor de strijd met de troepen van Beghin. Ps: ook Antwerpen heeft nog niet verloren in de Belgische competitie. Hun opperhoofd ‘Monsieur Jéjé’ heeft zijn ‘gepersonaliseerd’ ‘petje’  alvast opgeblonken. Want bij zijn Antwerpse vriend(in)en wil hij er op zijn best bij lopen.  Ca va ‘klakker’ chez les buskiers … Niet Meer, Niet minder. Un Bon Match, copain Jéjé. Que le meilleur gagne.

Foto: Collectie Jéjé