Martine De Jager: ‘De Flandriens: een waar feestje van herkenning.’


Het Prethuis is al sinds jaar en dag een begrip in de Vlaamse comedywereld. Met ‘De Flandriens’ worden alle records gebroken. Deze komedie over het wel en wee van een fietsend vriendenclubje komt maar liefst 115 keer naar de Vlaamse zalen. Eén van de mensen op het toneel is de immer goedlachse Martine De Jager. ‘Hier in Vlaanderen is wielrennen één van de grootste nationale sporten. Dat is bij ons in Nederland toch iets minder. Daar staat bijvoorbeeld een sport als schaatsen naar mijn gevoel mijlenver boven. Wat ik wel merk tijdens het spelen van De Flandriens is dat heel het verhaal bij het Vlaamse publiek heel wat emoties met zich meebrengt. Er komt heel veel nostalgie bij. Vader koerste en nam zljn zoon mee. Het wielrennen zit zodanig ingebakken in het Vlaamse DNA, dat iedereen van het publiek bijna een emotionele band met het fietsen heeft. Hierdoor is de Flandriens een waar feestje van herkenning. Een persoonlijke band heb ik met het fietsen niet. Ik ben er niet mee opgegroeid, ik heb geen man die fietst. Het enige was dat mijn vader vroeger graag naar de Tour de France keek toen Joop Zoetemelk het daar waanzinnig goed deed.’

West-Vlaams
Er bestaan twee versies van De Flandriens. Eéntje in het West-Vlaams en ééntje in het Nederlands. ‘Ik heb tegenwoordig een eigen stekje in De Haan, waar ik regelmatig verblijf als ik in West-Vlaanderen moet spelen. Dus hun dialect is me zeker niet wereldvreemd. Het is een ontzettend mooie taal. Maar zelf spreken zit er niet in. Daarvoor liggen mijn roots als Zuid-Hollandse iets te ver weg. Maar door de dialectswitch tijdens De Flandriens moet ik er mijn aandacht wel ontzettend hard bijhouden. Wanneer we in de regio van West-Vlaanderen spelen, praten Peter Bulckaen, Wim Stevens en Jeroen Maes West-Vlaams. En wanneer ze het niet spreken moet ik goed opletten om te weten, wanneer het aan mij is. Zo hard ben ik er op gefocust.’

Dubbelrol
Net zoals Katja Retsin speelt Martine een dubbelrol bij De Flandriens. ‘De dubbelrol van Katja is iets intensiever dan die van mij. Zelf ben ik Wilma, de vrouw van Karel (Jeroen Maes). Hij is één van de drie leden van de Flandriens. Een groep heren, die wekelijks een fietstoertje gaat doen maar er toch wat moeite mee heeft. Als echtgenote ben ik dan zijn stimulans (lees: motivator van dienst). En dat doe ik op mijn eigen manier. Naast Wilma ben ik ook ‘Moetje’, de schoonmoeder van Rik (Peter Bulckaen). Mijn theaterdochter Katja Retsin heeft beslist dat ik bij hun intrek. Daar is hij het niet mee eens. Ik maak het hem natuurlijk niet gemakkelijk. Het is een hoofdzakelijk non-verbale rol, maar ontzettend leuk om te spelen. Zij heeft een grijze pruik op, een hoofddoekje en pantoffels. Wanneer ik die aantrek, maak ik bijna automatisch de geluiden die er bij horen. Dat doe ik op mijn eigen gekende manier (lacht).’

Sporten
115 keer een toneelstuk op het podium brengen. Het is topsport van de bovenste plank. ‘Het is een feestje om te doen. Achter de Schermen is het een waanzinnig leuk team om mee samen te werken. Na de Brasschaatse Huisvrouwen is het de tweede keer dat ik met een sport gelinkt wordt bij Het Prethuis. Na het padellen ben ik er nu opnieuw bij met het fietsen. Ikzelf ben niet erg sportief. Maar vanuit thuis werden wij vroeger altijd wel geacht om aan sport te doen. Zo deed ik vroeger aan karate en korfbal. Daarna ben ik verzeild geraakt in de wereld van de paardensport. Nu nog steeds vertoef ik daarin.’

Foto: Het Prethuis

Geef een reactie