Jinse Peeters over de mythe van de Koppenbergcross


Met de legendarische Koppenbergcross, de openingswedstrijd van de X20 Badkamertrofee, schakelt het veldritseizoen op vrijdag 1 november 2024 traditioneel een versnelling hoger. Bij de vrouwen was vorig jaar wereldkampioene Fem Van Empel de sterkste op de Koppenberg. Dit jaar ziet het deelnemersveld er anders uit, omwille van het Europese kampioenschap veldrijden dat dit weekend wordt gereden in het Spaanse Pontevedra. “Er zullen dames zijn die dubbelen, maar niet iedereen heeft de kans en de mogelijkheid om dat logistiek geregeld te krijgen. Het is geen makkelijke verplaatsing, maar dat wil niet zeggen dat het in Oudenaarde een makkelijkere wedstrijd wordt. Integendeel”, zegt veldrijdster Jinse Peeters van De Ceuster Bouwpunt. Terwijl haar collega-rensters Laura Verdonschot, Alicia Franck en de bevriende Acrog-rensters Nette Coppens en Zita Peeters zich focussen op het EK gaat de 25-jarige Molse vrijdag voluit. “Buiten wat decompressie van Zweden, waar ik drie keer won, zijn alle andere wedstrijden tot nu toe goed verlopen. Het is altijd leuk als je geselecteerd wordt voor het EK. Dit jaar is dat niet het geval, maar dat was ingecalculeerd. Alle wedstrijden zijn belangrijk, maar de Wereldbekerwedstrijden springen eruit. Ik heb er de afgelopen jaren alles aan gedaan om zoveel mogelijk punten te pakken. Ik sta nu rond de 25ste plek op de UCI-ranking waardoor ik automatisch kan starten in de Wereldbeker en geen stress meer heb voor een selectie. Dat zorgt inderdaad voor mentale rust. Stuk voor stuk zijn dat wedstrijden op topniveau, tegen de wereldtop, waardoor je als crosser wordt uitgedaagd om je eigen sportieve grenzen op te zoeken en te verleggen”, zegt Jinse Peeters. 

Koppenbergcross

Met een goed gevoel start Jinse Peeters vrijdag in de Koppenbergcross, een wedstrijd die ze al een tijdje niet meer heeft gereden. “Ik ben tevreden waar ik momenteel sta conditioneel, fysiek en mentaal. De laatste jaren paste een deelname niet in mijn agenda. Net als Overijse is de Koppenbergcross een mythische wedstrijd Je houdt ervan of je haat ze (lacht). Ik ga me er nu nog niet over uitspreken hoe ik erin zit. Ik weet nog dat ik ze vroeger heb gereden, op jongere leeftijd. Toen lag het er altijd vettig bij aan de twee kanten van de verschillende weiden die werden gebruikt. Daar hield ik toen enorm van, maar het is en blijft een loodzware cross. We gaan zien waar we eindigen. Hopelijk blijft het weer wat stabiel waardoor de omloop niet te zompig is, maar dat is cross hé (lacht). We gaan het meemaken.” 

Foto: Ymke Dirikx – De Ceuster

Pitbull Laura

Sanne Cant had er een Paula Pezzo’tje voor nodig om de Lommelse Laura Verdonschot van een eerste Belgische veldrittitel bij de profs te houden.De titelstrijd bij de vrouwelijke cyclocrossers was er ééntje om duimen en vingers vanaf te likken. Twee hoofdrolspelers van dienst: de 7-voudige Belgische kampioene (nu 8-voudig) Sanne Cant en het jonge Limburgse geweld Laura Verdonschot maakte er een boeiende strijd. Beide hebben nu een driekleur op zak. De één bij de profs, de ander bij de beloften. De jager en de prooi. De kampioene en het nieuwe talent. De pitbull en het technische talent.

En toch … Het leek wel alsof de grootste en stevige pitbull zondagnamiddag het onderspit moest delven op karakterieel vlak van Laura. Ze had de dag van haar nog jonge leven. Als televisiekijker zie je ze als geen ander vastbijten in het wiel van haar tegenstander. Het tandengeknars neem je er vaak bij. Ach meid, zo zijn de grootste coureurs geboren, niet waar. #trappentrut is ondertussen al een eigen leven gaan leiden.

De grote overwinningen zijn er nog niet. Maar die komen er wel. Rome is ook niet op één dag gebouwd. Laat staan een wielercarrière in het veld.

Laat deze Limburgse pitbull maar gerust los in het veld, het zand of in de modder … Het komt wel goed. En die zwart-geel-rode trui. Tja, die zal ooit wel eens per express naar Lommel komen. Ondertussen mag de kleine Laura zich een nieuwe prof noemen. Waar een dagje aan het strand van Oostende toch al goed voor is …

#trappentrut

Hebben jullie ook zo het idee dat het vrouwenveldrijden in de lift zit? De wedstrijden zijn spannender dan ooit. Zo zagen we al verschillende wedstrijden waar in de laatste ronde met zeven wielrensters werd betwist. En het staat ook buiten kijf dat het niveau fors gestegen is. Heel wat Nederlandse toppers vinden de weg naar het veld. Neem nu Marianne Vos, Thalita De Jong, Lucinda Brand en ga zo maar verder.

Alleen is er een opvallend social mediafenomeen opgedoken in het veldrijden. Meer bepaald #trappentrut. Terug te vinden op de Facebookpagina van de Limburgse cyclocrosster Laura Verdonschot. Een korte omschrijving over Laura: Belgisch beloftenkampioene, rijdend sinds 1/1/2017 bij de vrouwenploeg van Jurgen Mettepenningen en vriendin van collega Maud Kaptheijns. Een hele boterham vol. Maar dat Laura op de fiets kan rijden is wel degelijk juist. In Loenhout een fraaie 4e plek achter en in Baal deed dat ze dat keurig over met een fraaie vijfde plek.

Laura is aan het groeien als coureur. Haar stevig pitbullgehalte tijdens de koers valt op. Zo postte ze ooit een keer op Facebook: 7 ronden serieus afgezien maar toch blij dat ik kon volgen. Ach, zo groei je uit tot coureur zeker.

Maar die #trappentrut spreekt wel tot mijn verbeelding. Hoe verzin je het om zo een cyclocrosser te motiveren. Ergens doet het me denken aan mijn allereerste professionele telefoontje dat ik ooit moest maken. Een klant was verhuisd naar een nieuwe straat in Brugge. Groot was mijn verbazing dat hij het over ‘Oude Zak’ had. Zo oud was ik tocht niet. MAar blijkbaar was deze straat een plek in het Venetië van het Noorden. Ach ja, is het nu Oude Zak of Trappentrut … Maar deze herinnering blijft een mooie voorbode voor mijn 39e verjaardag van morgen, niet waar …