Een openhartige Bockie de Repper in Sergio Over De Grens

In Sergio Over De Grens – door Bockie omgedoopt tot ‘de droomfabriek voor dikzakken’ – trekken Sergio Herman en Bockie De Repper naar het zuiden van Spanje, Andalusië. Een match made in heaven, want net als Bockie is de Spaanse keuken puur en ongecompliceerd. Geen enkele tapasbar in Sevilla blijft veilig voor Bockie en Sergio, het duo wordt uitgenodigd bij de beste hammaker van de wereld en ze vissen hun aperitiefhapje eigenhandig uit het water. Sergio en Bockie delen overduidelijk een grote liefde voor eten, al kreeg Bockie die niet van thuis uit mee: “Mijn mama had geen tijd om te koken. Zij zorgde alleen voor twee kinderen en combineerde twee jobs. Maar misschien net daarom…”, klinkt het.

Of hij niet dood zal gaan van al dat zout in de Ibericoham? En of de overdosis suiker in een traditioneel gebakje niet slecht is voor zijn hart? Bockie is een rasechte levensgenieter, maar dan wel eentje met een diepgewortelde angst voor de dood: “Ik ben een doemdenker, ik heb vaak schrik dat ik doodga.” Daarin vindt hij een zielsverwant in Sergio. “Voor ik ga slapen denk ik vaak: ik hoop dat ik wakker word. En dan durf ik zelfs niet gaan slapen”, vertrouwt Sergio Bockie toe, wanneer ze het hebben over de angsten die hen soms in de greep houden. Wanneer Sergio polst naar zijn kinderwens, blijkt de vroege dood van Bockies vader dan ook zijn sporen te hebben nagelaten. “Mijn vader is jong gestorven, dat doet iets met een kleine. Ik wil mijn kleine niet achterlaten. Ik wil het gemis dat wij nu ervaren niemand anders aandoen.” Zijn relatie met zijn vader was complex. Na de scheiding van zijn ouders verbrak Bockie het contact, iets waar hij nu spijt van lijkt te hebben. “Ik kan me zijn uiterlijk nog inbeelden door foto’s, maar ik weet zijn stem niet, ik weet niet hoe hij was. Ik weet zelfs niet aan wat hij gestorven is. Het laatste wat ik tegen mijn vader gezegd heb, was ‘fuck you’ tijdens een ruzie. Ik had hem graag nog sorry willen zeggen. Dat is zo stom dat ik gewoon niet nog één keer kon zeggen: sorry, je moet het u niet aantrekken. Het is niet erg, ik heb het denkwerk gedaan, en ik was mis.”

Foto: DPG Media

Geef een reactie